10 misverstanden over partneralimentatie

Gepubliceerd op 04-08-2019 door de Scheidingsplanner

Als u gaat scheiden, dan kunt u misschien recht hebben op partneralimentatie. Hoe lang en op hoeveel u recht kunt hebben, hangt af van de omstandigheden. Partneralimentatie is vaak een lastig onderwerp tijdens een scheiding. Dat komt meestal door de tegenstrijdige belangen die beide partijen hebben. En door misverstanden die over partneralimentatie bestaan. Om u op weg te helpen, hebben wij een top 10 van misverstanden over partneralimentatie samengesteld.

1. Man moet altijd betalen voor vrouw
Dit is een veelgehoord misverstand. De man betaalt niet automatisch voor de vrouw, het is echter vaak wel de uitkomst, omdat de inkomens verschillend zijn. De vrouw verdient namelijk over het algemeen minder dan de man. omdat zij meestal parttime werkt en vaker voor de kinderen zorgt.

2. De vastgestelde duur van partneralimentatie ligt vast
Nee, dat klopt niet. Er zijn weliswaar wettelijke richtlijnen voor de duur van de partneralimentatie, de rechtbank kan echter beslissen om bijvoorbeeld bij veranderde omstandigheden de duur van de partneralimentatie aan te passen. Het verlies van een baan is een voorbeeld van een veranderde omstandigheid.

3. Partneralimentatie geldt alleen bij een huwelijk
Veel mensen denken dat het recht op partneralimentatie alleen bij een huwelijk bestaat. Maar partneralimentatie moet soms ook worden betaald na het verbreken van een geregistreerd partnerschap. Voor samenwoners bestaan er geen wettelijke regels met betrekking tot het betalen van partneralimentatie, tenzij er andere afspraken in het samenlevingscontract staan of als u zelf toch andere afspraken wilt maken.

4. Alimentatie wordt alleen berekend aan de hand van mijn inkomen
Inkomen is één van de factoren die meespelen bij de hoogte van het alimentatiebedrag. Andere factoren zijn onder meer de behoefte (welk bedrag is er nodig om de huidige levensstandaard van de partner en de kinderen voort te zetten) en de draagkracht (hoeveel geld heeft u allebei te besteden en wat blijft over voor de alimentatie).

Dé gids voor scheidende stellen

Wilt u weten wat er allemaal bij een scheiding komt kijken? Vraag dan gratis ons digitale scheidingsboekje “Een nieuwe start”. In dit boekje vertellen wij u alles wat u moet weten over scheiden, de zaken die geregeld moeten worden en de keuzes die u hierin kunt maken. Ook bieden we een praktisch overzicht van de te nemen stappen.

Scheidingsboekje aanvragen

Scheidingsboekje

5. Er is altijd recht op alimentatie
Partneralimentatie speelt een rol als de inkomens van u en uw ex-partner verschillen. Als één van de partners niet (volledig) in eigen onderhoud kan voorzien, draagt degene met het hoogste inkomen bij aan de kosten van levensonderhoud van degene met het laagste inkomen.

6. De partneralimentatie is niet fiscaal aftrekbaar
Kinderalimentatie is inderdaad niet fiscaal aftrekbaar, echter kunt u partneralimentatie wel degelijk fiscaal aftrekken als 'Betaalde partneralimentatie en andere onderhoudsverplichtingen'.

7. Bij vreemdgaan of overspel vervalt het recht op alimentatie
De reden van de scheiding heeft geen invloed op het recht van partneralimentatie. Bij overspel vervalt het recht op alimentatie dus normaal gesproken niet.

8. Partneralimentatie eindigt bij pensioen
De alimentatie loopt ook door bij het behalen van de pensioenleeftijd. Wel ontstaat er een nieuwe situatie, waardoor er een herberekening zal moeten plaatsvinden.

9. Partneralimentatie eindigt als ex een nieuwe relatie heeft
Alleen als de alimentatie ontvangende ex-partner gaat samenwonen met een nieuwe partner, vervalt de partneralimentatie. Als er wel een relatie met een nieuwe partner is, maar er wordt niet samengewoond, dan loopt de partneralimentatie gewoon door.

10. Ervan afzien is voor altijd
Als de alimentatiebetaler al een aantal schulden op zich neemt, kan er onderling worden afgesproken dat de alimentatieontvanger afziet van alimentatie. Toch kan de alimentatieontvanger eventueel in een later stadium succesvol alimentatie afdwingen als hij/zij niet in het eigen onderhoud kan voorzien.