Kinderen

Ouderlijk gezag

U en uw ex-partner zijn na de scheiding beiden verantwoordelijk voor de (financiële) verzorging en opvoeding van uw kind(eren). Het is de bedoeling dat u samen afspraken maakt over de zorg voor uw kind en dat uw kind de mogelijkheid krijgt met beide ouders een band te behouden. U bent sinds 1 maart 2009 wettelijk verplicht om deze afspraken vast te leggen in een ouderschapsplan.
Het ouderlijk gezag houdt op als uw kind 18 jaar wordt. De financiële verzorgingsplicht stopt volgens de wet als het kind 21 jaar is of eerder als het kind zichzelf financieel kan onderhouden. Uiteraard kunt u wel samen afspreken dat u na de 21e verjaardag financieel blijft ondersteunen, bijvoorbeeld als uw kind dan nog studeert.

Wie heeft ouderlijk gezag
Soms is niet duidelijk wie nu eigenlijk de ouders zijn en wie dus rechten en/of plichten heeft die voortvloeien uit het ouderlijk gezag. Zo maakt de wet onderscheid tussen ouders die getrouwd zijn of een geregistreerd partnerschap hebben en ouders die samenleven.
     • Als u getrouwd bent dan heeft u automatisch het ouderlijk gezag als de kinderen tijdens het
       huwelijk zijn geboren.
     • Als u een geregistreerd partnerschap heeft, dan heeft u het ouderlijk gezag over het tijdens het
       geregistreerd partnerschap geboren kind (als u tenminste ouder van het kind bent).
     • Als u samenwoont heeft de moeder het ouderlijk gezag, samen kunt u bij de rechtbank vragen om
       het gezamenlijke gezag. De vader moet overigens eerst het kind bij de burgerlijke stand hebben
       erkend.

(Over het begrip ouder leest u hier meer)

Hoe het ouderlijk gezag invullen
Na uw scheiding blijft u samen verantwoordelijk voor de opvoeding van uw kinderen. In principe kan de ene partner geen belangrijke beslissing over het kind nemen zonder de andere ex-partner.
De partner bij wie het kind verblijft, neemt meestal gewoon zelf de beslissingen als het gaat om het dagelijkse reilen en zeilen. Gaat het om grotere beslissingen, zoals de keuze voor een school of sport is het gebruikelijk daar overleg over te hebben met de andere ouder en samen een beslissing te nemen.
Voor een aantal zaken is zelfs toestemming van beide ouders nodig, zoals:
     • een medische behandeling (tenzij accuut);
     • verhuizing naar het buitenland.

Gezagsouder overlijdt
Wie het ouderlijk gezag krijgt als de gezagsouder overlijdt, hangt ervan af of beide ouders het ouderlijk gezag hebben of één van de ouders.
     • Beide ouders hebben ouderlijk gezag
          o De andere ouder krijgt het volledige ouderlijk gezag.
     • Eén ouder heeft ouderlijk gezag
          o De rechter bepaalt wie het ouderlijk gezag krijgt. Dit zal vaak de andere ouder zijn. De andere
             ouder moet dan wel binnen een jaar het ouderlijk gezag opvragen. 
          o Er is een testament met een voogdijverklaring. De rechter moet dan aan die persoon vragen
             om het ouderlijk gezag te nemen.

Gezagsregister
In het gezagsregister staan alleen de wijzigingen van het ouderlijk gezag over kinderen. Het normale ouderlijke gezag staat niet hierin vermeld. Het gezagsregister is openbaar, dus iedereen kan het inzien.